Duurzame warmtebronnen

In de warmtenetstrategie staat voor welke wijken een warmtenet een goede aardgasvrije oplossing is, en welke bronnen er daarvoor beschikbaar en mogelijk zijn. 

Welke warmtebronnen vervangen aardgas in de toekomst?

Nijmegen heeft in 2018 een analyse voor de stad gemaakt in de Warmtevisie (de Nijmeegse ‘transitievisie warmte’). Die beschrijft de visie van de gemeente op hoe Nijmegen op termijn aardgas kan vervangen als warmtebron voor koken, verwarmen en warm tapwater. Deze analyse is gebaseerd op lokale gegevens en beschikbaarheid van warmtebronnen.  Voor alle Nijmeegse wijken is de kansrijkheid van verschillende warmtebronnen berekend op basis van een model. Bekijk het overzicht per wijk (pdf, 3.72 MB). Heeft u vragen over dit overzicht? Stuur dan een mail naar aardgasvrij@nijmegen.nl
Lees meer op de pagina Mijn wijk aardgasvrij.

Leidraad van het rijk

Het rijk ondersteunt gemeenten met een ‘Leidraad’, waarmee zij zelf een goed onderbouwde Transitievisie Warmte kunnen opstellen. Deze Leidraad bestaat uit twee onderdelen: de Startanalyse, ontwikkeld door het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL), en de Handreiking voor lokale analyse, van het Expertise Centrum Warmte (ECW). De analyse biedt voor vijf aardgasvrije warmtestrategieën een eerste beeld op buurtniveau van de technisch-economische en duurzaamheidsgevolgen (zoals nationale kosten, energievraag, CO2 -uitstoot). De handreiking helpt gemeenten om deze startanalyse te verrijken met lokale gegevens en een tijdpad. Nijmegen gebruikt deze Leidraad niet, omdat de Nijmeegse Warmtevisie uit 2018 een actueler en realistischer lokaal beeld schetst van beschikbare bronnen dan de landelijke Leidraad. Voor de warmtetransitie in Nijmegen gebruikt de gemeente daarom de Nijmeegse Warmtevisie als uitgangspunt. 

Wijkwarmteplan

Voor de eerste Nijmeegse wijken, Hengstdal, Bottendaal en Zwanenveld, maakt de gemeente nu een wijkwarmteplan. In wijkwarmteplannen (uitvoeringsplan op wijkniveau) worden de mogelijke warmtestrategieën gedetailleerder getoetst, op onder meer haalbaarheid, betaalbaarheid en duurzaamheid. 

Warmtenetten

Sinds 2012 heeft Nijmegen een warmtenet in Nijmegen-Noord (Waalsprong) en het Waalfront. De (rest)warmte komt van de afvalenergiecentrale ARN in Weurt. Nuon is in deze gebieden de energieleverancier. NUON mag volgens afspraak nog een keer zoveel aansluitingen als nu verzorgen (14.000 in totaal). De gemeente is met NUON in gesprek over het doortrekken van het warmtenet naar het stationsgebied.

  • Brief Nuon aan bewoners van Nijmegen-Noord over de verplichting tot warmtelevering(juni 2019), 
  • Onderzoek Rekenkamer naar besluitvorming rond het warmtenet in Nijmegen-Noord.

Toekomst

De gemeente verwacht dat een groot deel van de Nijmeegse huizen en panden in de toekomst verwarmd zal worden met middentemperatuur warmtenetten. Dat kan een groot net zijn of kleine wijknetten met verschillende temperaturen. Dat is voor 70.000 van de 80.000 Nijmeegse woningen kansrijk, maar er zijn op dit moment nog niet voldoende warmtebronnen. In ieder geval moet Nijmegen andere bronnen nader onderzoeken en kijken of de warmte van de ARN slimmer kan worden benut en eventueel uitgebreid. Voor de warmte kijken we naar de afvalenergiecentrale van de ARN maar ook naar nieuwe bronnen zoals geothermie (warmte uit de aarde) en warmte uit oppervlaktewater.

    Duurzame bronnen- en warmtenetstrategie 

    Raadsinformatiebrief

    Gelders warmte-infrabedrijf

    De provincie onderzoekt samen met een aantal Gelderse gemeenten waaronder Nijmegen de oprichting van een publiek Gelders Warmte Infrabedrijf. Het onderzoek naar een toepasbaarheid van een GWIB loopt nog, omdat er ook een warmteproducent en een warmteleverancier aangehaakt moet zijn om een warmtenet te laten functioneren. De maakbaarheid van zo’n samenwerking wordt nog uitgewerkt. De eerste bevindingen van een GWIB worden begin 2022 gedeeld.

    Aardwarmte

    Begin 2020 vond rondom Nijmegen onderzoek plaats naar aardwarmte. Dat is warmte diep in de grond, die gebruikt kan worden voor het verwarmen van huizen en kantoren. Het is een duurzaam alternatief voor het gebruik van aardgas, waar we in de toekomst in heel Nederland mee zullen stoppen. Onderzoek naar andere warmtebronnen is daarom van belang en gebeurt in het hele land. Met de uitkomsten kunnen gemeenten nauwkeuriger inschatten of aardwarmtewinning mogelijk is. Daarna is nog wel vervolgonderzoek nodig. Kijk voor meer informatie over het seismisch onderzoek op scanaardwarmte.nl. Hieronder vindt u brieven van het college over onderzoek naar aardwarmte in de regio Nijmegen.

    Aquathermie

    Aquathermie gaat over het gebruik van warmte (en koude) uit oppervlaktewater of afvalwater. Oppervlaktewater is bijvoorbeeld een rivier, meer of sloot. Afvalwater is al het vuile water dat de riolen afvoeren. Aquathermie is een duurzame warmtebron voor het Nijmeegse warmtenet om bestaande en nieuwe woningen en bedrijfsgebouwen te verwarmen.

    We hebben 3 onderzoeken laten doen naar de technische, financiële en juridische haalbaarheid van aquathermie. De volgende 3 plaatsen/situaties zijn onderzocht met aquathermie als mogelijkheid:  

    1. Nieuwbouw op het ROC-terrein in Zwanenveld, met gebruik van water van het Maas-Waalkanaal (Onderzoeksrapport september 2020, pdf 5.4 MB)
    2. Bestaande en nieuwe woningen in Dukenburg/Lindenholt, met gebruik van water van sloten en andere kleine watergangen in deze stadsdelen. (Onderzoeksrapport april 2021, pdf 2.5 MB)
    3. Álle woningen van Nijmegen met gebruik van het water in de Waal. (Onderzoeksrapport juli 2021, pdf 6.2 MB)

    Uit de onderzoeken blijkt dat aquathermie technisch en financieel goed scoort en haalbaar lijkt. Hiervoor moet het project dan wel (SDE++) subsidie krijgen.

    Onderzoek dat nog niet klaar is

    EQUANS (nieuwe naam ENGIE Services) en Firan onderzoeken in de 2e helft van 2021 de haalbaarheid van aquathermie voor gebouwen in het stationsgebied. De warmte komt daarbij vanaf het “Engie-terrein” via een warmtenet naar de gebouwen. Dit onderzoek is nog niet klaar.

    Groengas

    Groengas is gas dat wordt gemaakt uit materiaal van planten of dieren, zoals mest of een afvalberg. Groengas lijkt op aardgas: het heeft dezelfde eigenschappen en kwaliteit. Er bestaat ook biogas, dat is biologisch gas met een mindere kwaliteit dan aardgas. Het is mogelijk om van biogas groengas te maken. 

    Hoe komt groengas bij de gebruikers?

    Het groengas wordt bij het aardgas in de leidingen toegevoegd. Zo ontstaat een mengsel van deze verschillende gassen. Dus eigenlijk krijgt iedereen die gas gebruikt ook een beetje groengas.

    Hoeveel groengas zit er nu in het gasnet? En waar in de buurt maakt men groengas?

    Op dit moment bestaat het gas in de leidingen voor minder dan 1% uit groengas (landelijk). In onze regio komt dat van de afvalenergiecentrale ARN in Weurt. ARN maakt groengas uit gft-afval. Verder staat in de gemeente Lingewaard een vergistingsinstallatie. Daarmee maakt men groengas uit mest, (berm)gras en afvalproducten uit de agrarische industrie en voedselindustrie (Groen gas Gelderland). 

    Er zijn ook een paar plekken waar men biogas maakt voor ander gebruik dan het gasnet. Zo zet de ARN op de afvalstortplaats biogas om in warmte voor het regionale warmtenet. En de rioolwaterzuiveringsinstallatie in Weurt maakt biogas uit rioolslib dat men omzet in elektriciteit en warmte. 

    Hoe kan ik groengas gebruiken?

    Groengas is vermengd met aardgas in het gasnet. Dus echt puur groengas gebruiken, gaat niet in Nijmegen. Het is wel mogelijk om certificatie te kopen. Het “gebruik” van groengas is op dit moment een administratieve vergroening (ingekochte groencertificaten). U kunt via uw gasleverancier groencertificaten kopen. 

    Kan Nijmegen nu of in de toekomst alleen groengas gebruiken?

    Groengas is vermengd met aardgas in het gasnet. Dus echt puur groengas gebruiken gaat nog niet. Misschien verandert dat in de toekomst, maar alleen als het gas in het net uit 100% groengas bestaat. Groengas moet echt gemaakt worden uit mest of afval. Voor meer groengas moeten meer fabrieken gebouwd worden  die genoeg mest geleverd krijgen. Dat is lastig, dus groengas blijft zeldzaam. In 2030 verwacht men dat ongeveer 6% van het gas uit groengas bestaat (landelijk). Of het mogelijk wordt om 100% groengas in de leidingen te krijgen, hangt af van hoeveel extra groengas men kan maken en hoeveel gas er nodig is.

    Waar vind ik meer uitleg over het gebruik van groengas?

    Zie het rapport 'Groengas voor de gebouwde omgeving'(CE Delft) (pdf, 2.5 MB).

    Waterstof

    Er is in Nederland een toenemende aandacht voor de mogelijke rol van waterstof (een licht gas) als duurzame energiedrager in de energietransitie. Waterstof kan gebruikt worden in vele sectoren. De toepassing van waterstof voor de verwarming van gebouwen (huishoudens en utiliteit) is een nieuw onderwerp. Toch is duidelijk dat waterstof in Nijmegen tot in ieder geval 2035 niet op grote schaal in de gebouwde omgeving kan worden toegepast. Dat blijkt uit een voor Nijmegen opgesteld kennisdocument.

    Er is landelijk, en ook in Nijmegen, onvoldoende duurzame waterstof beschikbaar om op de langere termijn helemaal op duurzame waterstof over te schakelen. Wel zou waterstof in de toekomst een interessante optie kunnen zijn bij wijken waarvoor alternatieve warmtetechnieken, zoals warmtepompen of een warmtenet, relatief duur uitvallen. Maar zeker tot 2035 is waterstof niet als alternatief in beeld. In de wijken waar we nu aan de slag zijn, werken we waterstof daarom verder niet uit.

    Rapport Waterstof voor de gebouwde omgeving, februari 2020 (pdf, 15,7 MB)