Verslag Expeditie 2030

Impressie van een gesprek met bewoners over de Omgevingsvisie.

19 november 2018

Met de Nijmeegse Omgevingsvisie maken we een visie op de stad met de stad. Participatie is daarbij een van de belangrijke dragers. Daarom lieten zo’n 50 inwoners uit Nijmegen zich uitnodigen op het stadhuis om mee te denken en te werken aan hun stad. Hier werden ze welkom geheten door wethouder Vergunst, die een korte toelichting gaf op het doel van de omgevingsvisie, een toekomstvisie op de fysieke leefomgeving van Nijmegen.

Op expeditie door het stadhuis 

Voordat er op inhoud verder gepraat werd, zijn de bewoners  getrakteerd op een expeditie door het stadhuis. Een wandeling langs de kelders, de raadzaal, de Schepenhal en de Trêveszaal. Er mocht zelfs een blik geworpen worden in de kamer van de Burgemeester.
Op deze bijzondere locaties hielden vier Nijmeegse inwoners  een korte inspirerende pitch over de onderliggende thema’s van de omgevingsvisie: Sociale en Gezonde Stad, Aantrekkelijke Stad, Duurzame Stad en Economisch Veerkrachtige Stad.  

Stadsgesprek

Met deze kennis op zak vond het stadsgesprek plaats, onder de bezielende leiding van avondvoorzitter Marlies Leupen. Aan de hand van een inhoudelijke ruimtelijke casus werden vragen aangestipt over participatie en  communicatie met, voor en door bewoners, het uitoefenen van invloed en spelregels (o.a. tijdig informeren, draagvlak creëren in de buurt, participatie als voorwaarde en taken en rollen). Een mooie opbrengst. Alle aanwezige bewoners krijgen de pitches en het verslag van de avond toegestuurd. Verderop in dit verslag leest u een meer uitgebreide weergave. 

Gedicht

De avond werd afgesloten met een fraai gedicht van onze stadsdichter Amal Karam, afgedrukt voor de bewoners op een ansichtkaart:

Vreugde lied
‘s Ochtends 
wanneer Nijmegen met de zon ontwaakt,
pakt ze met vele warme armen
de vorst van de nacht uit je hart
Ontdooit ze je verdriet tot druppeltjes 
en hangt ze in een lichtsnoertje
op de balustrade
om iedere Nijmegenaar warm te stemmen 
Voor wat een mooie toekomst brengen zal   

Weergave bespreking inhoudelijke casus 

Wanneer wilt u betrokken worden? 

Sommige aanwezigen geven aan dat ze het liefst nog voor de beginfase betrokken willen worden. Bij het opkomen van het idee. Op het moment dat er een ontwikkel mogelijkheid is in de stad willen zij al meedenken en misschien zelfs wel meedoen.
Andere bewoners wachten liever even af: eerst moet er een beeld/een plan ontstaan. Om te beginnen moet er in een beperkte setting een integraal plan gemaakt worden, waarbij het de vraag is wie er mee moeten denken? 
Er wordt een goed voorbeeld besproken, van een nieuw complex in de wijk waarbij bewoners vanaf het begin zijn betrokken, ze mochten zelfs de ontwikkelaar mee uitzoeken.

Wie moeten er betrokken worden? 

Iedereen in de hele wijk, of steeds dezelfde groep mensen die gewend zijn om hierover mee te denken, de vaste gremia, zoals wijkcomités. De meningen zijn verdeeld. 
Je kunt de betrokkenheid vooral zoeken bij de bewoners in de directe omgeving van een plangebied, maar je kunt ook denken aan een wijkcomité/vereniging/raad die kan met bijvoorbeeld een subcommissie betrokken zijn. De bewoners die tot nu toe betrokken zijn bij planvorming, zijn vaak dezelfde bewoners is vaak gehoorde kritiek. De aanwezigen beamen dat het inderdaad vaak dezelfde bewoners zijn, maar geven ook aan dat anderen niet op staan om mee te doen. Dat is een terugkerend dilemma.  
Er bestaat in ieder geval behoefte bij wijkcomités aan begeleiding in dergelijke processen (vervolgens wordt de vraag gesteld wie deze begeleiding zou moeten bieden; is dat de gemeente in dit geval?).

Communicatie is belangrijk

Tijdig communiceren met bewoners resulteert in meedenken en oogst vaker een constructieve houding in plaats van verzet.
Het is verstandig als ontwikkelaars en gemeente aansluiten bij wat er al leeft in de wijk als zij hun plannen ontwikkelen (en daar al onderzoek naar doen voordat ze hun plannen gaan ontwikkelen).

Het is natuurlijk ook van belang dat alle ruimtelijke en financiële randvoorwaarden duidelijk zijn, maar het moet vooral ook helder zijn wat er leeft en speelt in de wijk. De behoeftes van de buurtbewoners spelen daarbij een belangrijke rol. Ze moeten vanaf het begin duidelijk zijn, zodat het ook goed in de begroting terecht komt.
Diversiteit in betrokkenheid van bewoners en dus ook in communicatie is belangrijk, direct aanhaken bij bewoners met een direct belang.

Dat kan niet alleen via online-platforms, je moet mensen ook live ontmoeten om echte betrokkenheid te krijgen bij de Nijmegenaren. 
Sommige aanwezigen geven aan dat het moeilijk communiceren is met bewoners en eigenaren die in hun woningen kamers verhuren. In sommige delen van Nijmegen is dat soms wel 1/3 van de buurt.

Een kans om andere bewoners te betrekken bij planvorming in de stad door ‘nieuwe’ vormen van (buurt)bijeenkomsten te organiseren. Buurtfestivals, evenementen, etc. kunnen mensen trekken die in eerste instantie afkomen op bijvoorbeeld muziek of eten en daarnaast meedenken over ruimtelijke kwesties.

Je ziet nu nog vaak dezelfde gezichten in de zaal, en er tegelijkertijd vaak nog een grote groep die niet zichtbaar is en minder makkelijk mee praat. Misschien ligt hier een rol bij de gemeente om deze mensen te betrekken. 
Aanwezigen geven aan dat het goed is om niet alleen bewoners te betrekken, maar zo veel mogelijk verschillende standpunten op te halen bij verschillende groepen mensen. Voer het gesprek met een mix van bewoners, IVN en belangengroeperingen (bv erfgoed). Dan blijft niet alleen het eigen belang van de bewoners overeind, maar dien je ook het maatschappelijk belang. Experts denken vaak vanuit een breder belang. DE bewoner bestaat ook niet.

Voordat een locatie wordt verkocht, moet je weten wat er in de wijk speelt, en of de plannen van de ontwikkelaar passen in deze zaken. In veel gevallen is het niet mogelijk om als bewoner te bepalen wie de grond of een gebouw koopt, maar in een omgevingsplan kun je als gemeente wel richting geven aan welke ontwikkelingen je wel/niet wilt toestaan. De bestemming van een gebied of locatie wordt immers door de gemeente bepaald.

Hoe kunnen we als bewoners invloed uitoefenen op bijvoorbeeld een projectontwikkelaar met heel veel geld? Wie krijgt de verantwoordelijkheid, wat krijgt voorrang boven het ander, wie bepaalt wat het zwaarste weegt? De gemeente maakt de spelregels (via het omgevingsplan) en de externe ontwikkelaars moeten dan zelf het juiste draagvlak creëren geeft de gemeente aan. Dit leidt tot wat scepsis in de zaal, want betekent dit dat de gemeente zich helemaal terug trekt uit de discussie? Bewoners zijn bang dat ze het dan gaan ‘verliezen’ van ontwikkelaars, en voelen machteloosheid. Gelijkwaardige communicatie naar de buurt door ontwikkelaars zou eigenlijk door de gemeente gegarandeerd moeten worden door hiervoor duidelijke kaders en spelregels op te stellen.
Hoe fijnmazig wordt het beleid, wordt er uitgegaan van wijk- of buurtniveau?
Gaat de participatie in de nieuwe Omgevingswet het huidige systeem van inspraak en beroep en bezwaar vervangen? Nee de aandacht voor participatie in de Omgevingswet komt er bovenop, het is een toevoeging. De verplichte tienjaarlijkse actualisatie van het bestemmingsplan (straks omgevingsplan) verdwijnt wel.

Wat zijn goede spelregels

  • tijdig informeren 
  • draagvlak creëren in de buurt, goede participatie als voorwaarde 
  • meerdere kanalen gebruiken om meningen op te halen, bv facebook, buurtwhatsapp of evenementen

Afgesproken wordt dat het verslag per mail naar de deelnemers gaat, evenals de presentaties.

De avond werd afgesloten met een drankje en een informeel gesprek.